Ontdek 50 meditaties van Pasen tot Pinksteren

Gerust in de gevangenis

Patrick Lens
Vierde zondag van Pasen

Gerust in de gevangenis
Hand, 12,1-19

Omstreeks die tijd liet koning Herodes enkele leden van de gemeente arresteren en mishandelen. Jakobus, de broer van Johannes, liet hij met het zwaard ter dood brengen. Omdat hij merkte dat dit de Joden wel beviel, nam hij ook Petrus nog gevangen; dat was juist op de dagen van de ongedesemde broden.

Toen hij hem in handen had gekregen, zette hij hem in de gevangenis en liet hem door vier groepen soldaten van ieder vier man bewaken met de bedoeling hem na het paasfeest in het openbaar te berechten. Petrus werd dus in de gevangenis vastgehouden, maar in de gemeente werd vurig voor hem gebeden tot God. In de nacht voordat Herodes hem wilde laten voorkomen, lag Petrus aan twee kettingen tussen twee soldaten in te slapen, terwijl ook vóór de deur van de cel de wacht werd gehouden. Plotseling stond er een engel van de Heer bij hem en er straalde licht in de ruimte. Hij maakte Petrus met een por in zijn zij wakker en zei: ‘Sta vlug op.’ En de kettingen vielen van zijn polsen. De engel zei tegen hem: ‘Doe je gordel om en trek je schoenen aan.’ Dat deed hij. De engel zei tegen hem: ‘Sla je mantel om en volg mij.’ Hij volgde hem naar buiten, maar het drong niet tot hem door dat wat de engel deed werkelijkheid was; hij dacht dat hij droomde. Ze passeerden de eerste en de tweede wacht en kwamen bij de ijzeren poort naar de stad, die zich vanzelf voor hen opende. Zij gingen naar buiten en liepen één straat door; toen verliet de engel hem ineens. Daarop kwam Petrus tot zichzelf en zei: ‘Nu weet ik zeker dat de Heer zijn engel heeft gestuurd en mij heeft gered uit de hand van Herodes en van wat het Joodse volk allemaal had verwacht.’ Toen hem dit duidelijk was geworden, ging hij naar het huis van Maria, de moeder van Johannes, die ook Marcus heet; daar waren veel mensen in gebed bijeen. Toen hij op de deur van de toegangspoort klopte, ging de slavin Rode opendoen. Zij herkende Petrus’ stem. Van louter blijdschap deed ze de poort niet open, maar rende naar binnen met het bericht dat Petrus voor de deur stond. Ze zeiden tegen haar: ‘Je bent niet wijs.’ Maar zij bleef volhouden dat het echt zo was. Ze zeiden: ‘Dan is het zijn engel.’ Intussen stond Petrus maar te kloppen; toen ze opendeden zagen ze tot hun verbazing dat hij het was. Hij gebaarde dat zij stil moesten zijn en vertelde hoe de Heer hem uit de gevangenis had gehaald. ‘Stellen jullie’, zei hij, ‘Jakobus en de andere broeders hiervan op de hoogte.’ Daarna vertrok hij naar elders. Toen het dag geworden was, ontstond er onder de soldaten grote verwarring over wat er met Petrus gebeurd kon zijn. Herodes liet naar hem zoeken, maar toen hij hem niet kon vinden onderwierp hij de wachters aan een verhoor en liet hij hen terechtstellen. Daarop vertrok hij van Judea naar Caesarea en bleef daar.


 

 

 

 

0
Shares