Ontdek 50 meditaties van Pasen tot Pinksteren

Iedereen kan erbij komen

Jan Degraeuwe
Vrijdag na de derde zondag van Pasen

Iedereen kan erbij komen
Hand, 11,1-24

De apostelen en de broeders in Judea hoorden dat ook de heidenen het woord van God aanvaardden. Toen Petrus in Jeruzalem kwam, maakten de gelovigen die besneden waren hem verwijten. Ze zeiden: ‘Jij bent in huis geweest bij onbesnedenen en hebt met hen gegeten.’

 Daarop begon Petrus het hun precies uiteen te zetten. ‘Ik raakte’, zei hij, ‘in de stad Joppe tijdens het bidden in extase en ik kreeg een visioen: er kwam iets naar beneden als een groot laken dat aan de vier punten werd neergelaten uit de hemel, en het kwam vlakbij mij. Met gespannen aandacht keek ik erin en ik zag de viervoetige dieren van de aarde, de wilde beesten, de kruipende dieren en de vogels van de hemel. Ook hoorde ik een stem tegen mij zeggen: “Vooruit, Petrus, slacht en eet.” Maar ik zei: “Geen sprake van, Heer, want iets dat onrein is of niet zuiver, is nog nooit mijn mond binnengekomen.” Maar voor de tweede keer klonk nu de stem uit de hemel: “Wat God gezuiverd heeft, moet jij niet onrein maken.” Dit gebeurde tot driemaal toe; daarna werd alles weer omhooggetrokken naar de hemel. Op hetzelfde ogenblik stonden voor het huis waarin wij ons bevonden, drie mannen die vanuit Caesarea naar mij toe waren gestuurd. De Geest zei me dat ik zonder aarzelen met hen mee moest gaan. Ook deze zes broeders gingen met mij mee en wij zijn bij die man naar binnen gegaan. Hij vertelde ons hoe hij de engel in zijn huis had zien staan, die zei: “Stuur iemand naar Joppe om Simon te halen, die ook Petrus genoemd wordt; hij zal woorden tot u spreken waardoor u gered zult worden, u en al uw huisgenoten.” Nauwelijks was ik begonnen te spreken of de heilige Geest daalde op hen neer, zoals in het begin ook op ons. Ik moest denken aan het woord dat de Heer gesproken heeft: “Johannes doopte in water, maar jullie zullen gedoopt worden in heilige Geest.” Als God dus aan hen dezelfde gave heeft geschonken als aan ons toen wij in de Heer Jezus Christus gingen geloven, wie ben ik dat ik God had kunnen tegenhouden?’ Toen zij dit gehoord hadden, waren zij gerustgesteld, en zij verheerlijkten God met de woorden: ‘Blijkbaar heeft God ook aan de heidenen de bekering ten leven gegeven.’

 

In Antiochië ontstaat een christelijke gemeente
Zij die sinds de noodtoestand na Stefanus’ dood verspreid waren geraakt, trokken verder tot Fenicië, Cyprus en Antiochië, terwijl zij aan niemand het woord verkondigden dan alleen aan de Joden. 
Maar er waren ook mensen uit Cyprus en Cyrene bij, die in Antiochië ook aan de hellenisten de goede boodschap gingen verkondigen dat Jezus de Heer is De Heer stond hen ter zijde: een groot aantal mensen kwam tot geloof en bekeerde zich tot de Heer. Berichten over hen kwamen de gemeente in Jeruzalem ter ore en men stuurde Barnabas naar Antiochië. Toen hij daar zag hoezeer God hen begunstigde, verheugde hij zich, en hij spoorde iedereen aan om met hart en ziel trouw te blijven aan de Heer, want hij was een voortreffelijk man, vol heilige Geest en geloof. Een grote groep sloot zich aan bij de Heer.

 

 

 

 

 

0
Shares