Inleiding tot de brief aan de galaten
  • Inleiding 1 : De galaten

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6

Vrede

VREDE
Ga 5,22


Marcel Braekers
35-50

Paulus somt een hele reeks kwaliteiten op die je tezamen moet nemen om een idee te krijgen van wat hem voor de geest stond. Zijn stoïcijnse opleiding was blijkbaar niet tevergeefs geweest. Maar Paulus is een volgeling van Christus geworden en gaat nu veel verder, want hier beschrijft hij de nieuwe mens, degene in wie de Geest van God en van Jezus Christus werkzaam is. Mij werd gevraagd om er één kwaliteit uit te nemen: ‘vrede’.

Nu zou je denken dat als er één toestand of één levenskwaliteit bestaat die we zelf in handen hebben, dit toch wel de vrede is. Alle twisten, oorlogen, familievetes, burenruzies zijn het gevolg van jaloezie, hebzucht, dominantie, enz. Maak hiermee opruiming en mensen leven als vanzelf in vrede.

En toch denkt Paulus anders. Wat ik net beschreef is belangrijk, maar het is slechts de onderste laag van vrede. Het is de meest toegankelijke en hanteerbare vrede. Een diepere laag is voor hem de vrede als een geschenk van de Geest. Het is de vrede die we voelen als we ons verzoend hebben met onszelf, vrede omdat het leven altijd perspectief heeft wat er ook is gebeurd, de vrede omdat we ons bemind weten in het diepste van onszelf. Zouden we die diepe, spirituele vrede niet broodnodig hebben om de dagelijkse vrede van harte te stichten? Wie zich in zijn diepste zijn erkend en bemind weet, heeft een stevige basis om te verzoenen, om het grote gelijk op te geven, om een eerste gebaar van toenadering te stellen. Het geschenk van de Geest brengt een diepe omwenteling teweeg in wie zich bekeert tot Christus.

Marcel Braekers
Heverlee

 

 

Vreugde

VREUGDE
Ga 5,22


Marianne Goffoël
34-50

Vreugde is een van de vruchten van de Geest, zegt de heilige Paulus! Volgens het woordenboek is vreugde een aangename emotie, een gevoel van tevredenheid of plezier van beperkte duur... De vreugde waarvan de Apostel tot ons spreekt is heel anders, zozeer zelfs dat hij dit basiselement van zijn geloof in Christus stelt. Deze vreugde is geworteld in en wordt gevoed door die persoonlijke ontmoeting met Christus, die zijn leven op de weg naar Damascus overhoop haalde.

Voorbeelden van dergelijke vreugde zijn in overvloed aanwezig in het Evangelie. Zoals in het verhaal van Emmaüs, het Evangelie van Paasavond: "[...] En zij zeiden tegen elkaar: « Brandde ons hart niet in ons terwijl hij onderweg tot ons sprak en de Schriften voor ons opende » ?" (Lc 24,32). Er gebeurde iets in het diepst van hun hart, de ervaring van een ontmoeting, de ervaring van de aanwezigheid van God die zich openbaart in het hart van die ontmoeting.

Of nog : Maria, "die in haast vertrok (...). Ze ging het huis van Zacharias binnen en begroette haar nicht Elizabeth" (Lc 1:39-40). Een explosie van wederzijdse vreugde! "Toen Elizabeth de groet van Maria hoorde, sprong het kind in haar schoot op en Elizabeth was vervuld met de Heilige Geest" (Lucas 1:41) en Maria riep uit, "... mijn geest is vervuld van blijdschap omwille van God mijn Verlosser...". (Lk 1:47).

Deze drie voorbeelden roepen geenszins een voorbijgaand enthousiasme op, maar spreken ons over een vreugdevolle zekerheid, uiting van een ongelofelijke, buitengewone realiteit. Deze realiteit is de vrucht van de Geest, bron van communicatieve energie, sleutelmoment in een leven, onuitwisbare herinnering, oorsprongsmoment, vitale referentie in moeilijkere momenten.

Christus geeft ons zijn leven. Laten we leven vanuit zijn eigen leven, "Ik leef, maar het is niet meer ik, maar Christus die in mij leeft" (Gal 2:20).  In navolging van al deze personen, laten we vanuit onze eigen ervaring, bij elke gelegenheid "Hallelujah" zingen om deze vreugde uit te drukken.

Marianne Goffoël
Brussel

Alléluia ! alléluia ! alléluia ! 

 

Liefde

"Maar de vrucht van de Geest is liefde"
Ga 5,22


Antoinette Van Mossevelde
33-50

In voorgaande verzen brengt Paulus ons een opsomming van heilloos leven. In wat volgt een aanmoediging tot leven volgens de Geest..

De Geest, ijl, vreemd en ongrijpbaar, wordt zichtbaar en concreet in menselijk gedrag. De vrucht van de Geest is liefde.

Leven vanuit een scheppende liefde, die jou in het leven gewenst heeft en jou bemint. Die elk mens in het leven gewenst heeft en bemint. Die ons enkel vraagt om onszelf en elke andere zo te zien en te bejegenen: als gewenst en beminnenswaardig. Want elkeen is een uniek beeld van de Schepper volgens de choquerende woorden van Genesis. (Genesis 1,26)

Zo’n liefde toelaten en ten volle laten doorbreken in ons leven is allesbehalve vanzelfsprekend. Ze botst voortdurend op wat Paulus eerder de werken van het vlees noemt, de zondige natuur. De neiging van de mens om het onmiddellijk grijpbare, de instant bevrediging te zoeken.  De ambities van het ego die eigen projecten absoluut en op alles en iedereen voorrang geven. De angst van geen tel te zijn die tot het gemeenste kleinmenselijk gedrag leidt.

Toch kunnen mensen het leren: te vertrouwen op Gods creatieve liefde, begin van alle leven en elk nieuw leven. Ze kunnen zich stap na stap, gaandeweg overgeven aan God die zich in Jezus solidair met mensen toont. De man uit Nazareth die de belichaming is van dat ene gebod waarin de thora samengevat wordt: U zult uw naaste liefhebben als uzelf (Gal. 5,14 ;  Lev. 19,18)

God wordt mens in een uitnodigende liefde die iedereen zonder uitzondering omarmt. De levenscheppende Adem richt zich in het bijzonder naar allen die uitgesloten worden. Vuurt ons aan om niemand buiten deze liefde te laten vallen, zelfs een vijand niet. Daartoe zijn we vrijgemaakt: om te beminnen, om elkaar tot zegen te zijn.

Antoinette Van Mossevelde
Gent

Amour 

 

De verschrikkelijke krachten van het vlees

Maar als u zich door de Geest laat leiden, staat u niet onder de wet. 19 De uitingen van een zondig leven zijn bekend, zoals ontucht, onreinheid, losbandigheid, 20 afgodendienst, toverij, vijandschap, twist, afgunst, woede, intriges, ruzies, partijdigheid, 21 jaloersheden, drinkgelagen, orgieën en dergelijke dingen meer. Ik waarschuw u zoals ik u al eerder gewaarschuwd heb: wie zich zo misdragen, zullen het koninkrijk van God niet erven.
Ga 5, 18-21


Raphaël Devillers
32-50

‘Het vlees en de geest’: het woordenpaar dat Paulus hier gebruikt is notoir maar dikwijls verkeerd begrepen. ‘Vlees en geest’ duiden niet op ‘lichaam en ziel’. Het vlees is niet zomaar seksualiteit (‘vleselijke zonden’) en de geest niet zomaar innerlijkheid of spiritualiteit.

Het vlees, dat is de menselijke natuur aan zichzelf overgelaten, een oncontroleerbare vulkaan van behoeftes en opvliegendheid. De Geest beduidt de goddelijke kracht die door Christus is gegeven en die de mens bevrijdt. De Galaten – in de wolken na van Paulus te hebben vernomen dat ze niet meer gebukt gaan onder de Wet maar vrij staan onder de Geest – hebben deze vrijheid verkeerd begrepen en de kracht van vleselijke verlangens onderschat. Aangezien Jezus toch bevrijdt van de Wet, kon men gewoon de eigen egoïstische neigingen navolgen, op zoek gaan naar z’n eigen geluk, vluchten en zich veilig wanen voor alle gevaar.

Paulus waarschuwt hen voor deze ontsporing en herinnert hen aan het kwaad dat het vlees kan teweegbrengen. Hij geeft een lijst met zestien handelingen van het vlees ‘aan zichzelf overgelaten’.

Vooreerst drie seksuele afwijkingen: ‘ontucht, onreinheid, losbandigheid’. Paulus wijdt hier echter niet over uit; hij is in niets de seksueel geobsedeerde die men soms van hem heeft willen maken. Vervolgens twee perversies van de goddelijke eredienst: ‘afgodendienst en tovenarij’. Z’n eigen goden creëren en ze voor eigen doeleinden inzetten. Dan de langste – dus belangrijkste – lijst, met acht zonden tegen de naastenliefde:  ‘vijandschap, twist, afgunst, uitbarstingen van woede, intriges, ruzies, partijschappen en jaloersheden’. Tot slot tafeluitspattingen: ‘drinkgelagen, orgieën en dergelijke’.

Dat men niet te gauw zegge: ‘het is allemaal niet zo ernstig’. Paulus herhaalt wat hij reeds onderwees: wie deze zonden begaat zal niet binnentreden in het Rijk Gods.

Het cruciale punt hier is de afwijzing van de ander. Heeft Paulus niet zojuist nog gezegd dat het hart van een geslaagd leven ‘je naaste beminnen zoals jezelf’ is ? Hij zal hierop verdergaan al sprekend over de ‘vrucht van de geest’.

De verkondiging van de vrijheid in de Geest is beangstigend, want deze vrijheid is maar écht in een bestaan gegeven voor anderen. Tot op het kruis… zo deed Jezus het ons voor.

Raphaël Devillers
Liège

Les forces terribles de la chair 

 

Tot vrijheid geroepen


Jef Schoenaerts
Inleiding op Paulus’ brief aan de Galaten
Hoofdstuk 5

“Christus heeft ons bevrijd opdat wij in vrijheid zouden leven.” Met deze klapper begint hoofdstuk 5 van de brief aan de Galaten. 

De zin doet mij denken aan het levensgevoel in Europa na Wereldoorlog II. Je zou hem in die context kunnen parafraseren als: “De Canadezen, Amerikanen, Nieuw-Zeelanders,… hebben ons bevrijd opdat wij in vrijheid zouden leven.”. Wie leeft in angst en onderdrukking, wie zijn leven niet meer veilig is,… verwelkomt de bevrijding, laat de klokken luiden, haalt de bloemen boven en bejubelt zijn bevrijder met de intentie van eeuwige dank.

Dat is vijfenzeventig jaar geleden.   De meesten onder ons kennen die context slechts uit documentaires en lectuur. Wij vinden het vandaag normaal om in een vrije omgeving te leven.

Voelen wij eigenlijk onderdrukking?  Hebben wij nood aan bevrijding? En wat verstaan we eronder dat Christus ons bevrijd heeft?  Schuilt er voor ons een realiteit achter die woorden?...

Er zit naar mijn aanvoelen iets paradoxaals aan die bevrijding die voor christenen een grondstroom is binnen het geloof. Ons spontaan denken over vrijheid leidt ons in eerste instantie naar recht op autonomie, recht op het uitstippelen van een eigen weg in het leven. En wat doet een christen?  Ziet hij niet net áf van dat alles omdat hij bij zijn levenskeuzes een grotere autoriteit onderkent en erkent?  Een godheid, een god, Iemand die hem influistert wat echt leven is en hem de weg toont naar heilzaam samenleven?   Een godheid, een god, Iemand die hem roept en voor wie hij buigt?

Dat God ons heeft geroepen staat maar liefst vier keer in de brief.  En de laatste keer (5:13) zegt Paulus heel duidelijk waartoé God de Galaten – en ook ons – roept: tot vrijheid.

Hoe aanlokkelijk dit perspectief ook klinkt, het vraagt – in velerlei opzichten - durf om die vrijheid in al zijn breedte op te nemen.  Het vraagt o.a. de durf om een aantal “zekerheden” los te laten zoals dat we onze hemel uit eigen kracht kunnen “verdienen” of dat we – godbetert – iets definitiefs zouden weten over god.   Het vraagt ook de durf van een heel andere orde: de durf om richting te geven aan die vrijheid, om er iets mee te doen.

En ook hierover is Paulus heel duidelijk:  tegenover de Joodse wet met zijn talloze regels en verplichtingen stelt Paulus één nieuwe, éénduidige “wet”: de wet van de liefde.   De vrijheid die daarmee geboden wordt, is allerminst makkelijk want met die wet valt niet te sjacheren. Hier geen telbordje of spaarkaart waar je goede daden objectief genoteerd worden bij het naleven van de regels. Wél een wet waar de ander altijd en overal maatstaf is van mijn handelen. Naastenliefde liegt niet, je kan ze niet bedriegen.

Gelukkig sta je er niet alleen voor: als je twijfelt, terugschrikt of in oude patronen van zelfbehoud terugvalt: “… laat u leiden door de Geest” zegt Paulus tweemaal.   Maar je moet wel kiézen voor de Geest, kiezen voor deze weg. Dit is niet zomaar verworven. Het blijft een dagelijkse opdracht.

Met die naastenliefde en die geestkracht als leidraad wordt het perspectief dat Paulus schetst naast moeilijk ook aantrekkelijk: het opent de weg naar een gemeenschap als een nieuwe schepping, radicaal inclusief en solidair: een ecclesia waar je kracht uit put.

Paulus gooit ook ons vandaag deze keuze voor de voeten. Je kan je hoop stellen op de zekerheid van het telraam en zo het vege lijf proberen redden. Je kan ook kiezen voor de naastenliefde in al zijn onzekerheid want de naaste komt vaak onverwacht en ongelegen.

Mogen we ons verlaten op de Geest die in ons roept en ons leidt om te kiezen voor de liefde? Paulus zegt dat dáár onze hoop ligt (5:5)

Jef Schoenaerts
Heverlee

God staat aan onze kant

Ik bedoel dit: leef volgens de Geest, dan zult u niet toegeven aan uw zondige begeerte.  Want de zondige natuur begeert tegen de Geest in en de Geest tegen de zondige natuur in, want ze zijn elkaars tegenstanders, zodat u juist niet doet wat u zou willen doen.  Ga 5, 16-17


Patrick Lens

31-50

Het probleem is gekend: soms doen we dingen die we eigenlijk liever anders zouden willen doen. Het valt ons meestal slechts achteraf op. Of we doen de dingen niet die we in feite wel willen. Dan voelen we daarna meestal zoiets als ontmoediging en vermoeidheid. Komt daarbij nog een flinke dosis perfectionisme, of de gedachte: bij mij zou dit toch niet mogen gebeuren!

Dat Paulus soms zucht: “Rampzalige mens die ik ben,” is goed te begrijpen. Christen-zijn wordt door vele mensen gezien in termen van moraal of inzet. En dat is natuurlijk goed, maar deze visie heeft ook zijn blinde vlekken. De meeste christenen vergeten dat geloven ook iets te maken heeft met geestelijke strijd. Er is in ons niet alleen onmacht, maar ook een weerstand. Er is ook zwakte, innerlijke verdeelheid. De Bijbel noemt dit zonde.

Het gaat hierbij niet alleen om de vele dingen die je fout kunt doen, maar het gaat om een tendens, een zone van onvrijheid in ons. Jezus is gekomen om ons te bevrijden. Daartoe geeft Hij ons op Pasen en Pinksteren zijn Geest. Hij is onze medestander. Hij strijdt aan onze zijde, want zelf kunnen we het niet alleen. Dat is iets wat vele gelovigen vergeten, of zelfs helemaal niet weten. Maar daarom ook zijn ze zo vlug ontmoedigd. Zij denken volmaakt te moeten zijn om een goede christen te zijn, maar zij merken dat dit niet zo gemakkelijk is, en zij haken af.

Neen, een goed christen is iemand die bereid is te strijden, of liever: die bereid is om te aanvaarden dat hij of zij hulp nodig hebt. Het is de zonde in ons die ons belet om vrij te zijn, en die kan je enkel maar bestrijden met de hulp van de Geest. We denken zo vlug dat God niet tevreden is over ons omdat we fouten doen, maar we vergeten dat God, door zijn Geest, in feite aan onze kant staat.

Patrick Lens
Brussel

Dieu est à nos côtés 

 

Het pad van de liefde : de grootste uitdaging van onze mensheid

Want de hele wet is vervat in dit ene woord: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Maar als u elkaar blijft bijten en verscheuren, vrees ik dat u elkaar nog eens zult ombrengen.
Ga 5, 15-16


Blandine Vanderlinden
Dominique van Duyse

30-50

De boodschap van Jezus Christus, waar Paulus ons in zijn brief aan herinnert, gaat over twee essentiële en verwante waarden, vrijheid en liefde. Beide vormen een onafscheidelijk paar en vormen de basis van onze menselijkheid. We zijn vrij en verantwoordelijk voor onze keuzes, dus hoe die oriënteren? Hoe kunnen we ze betekenis geven? Het antwoord wordt ons gegeven door Jezus Christus in zijn hoogste gebod.  Laten we het bij de term liefde houden. Wat betekent het echt om lief te hebben? Wat is liefde?

Voor ons is liefde in wezen een daad van geloof, het is ook een beslissing, en er is geen liefde zonder vrijheid. Een daad van geloof. Je kunt niet zeggen waarom je van je partner houdt, je kinderen, je buurman.  Je houdt van je kind omdat het je kind is. Dat is alles wat je kunt zeggen. Zo is het, ... Er is geen andere verklaring, ...

Het is een sprong van het geloof. Het kan worden uitgedrukt als "Ik geloof in jou". Een beslissing, een houding. Liefhebben is besluiten om met een liefdevolle blik naar de ander te kijken, naar het leven.

Het is de beslissing dat mijn leven gericht is op, en door, de liefde. Het liefhebben van de naaste wordt uitgedrukt door vriendelijkheid, respect, door elke daad die hem of haar in staat stelt zichelf helemaal te ontwikkelen, een hoge vlucht te nemen. Er zijn talloze voorbeelden van liefdesdaden vandaag de dag: de medische beroepsgroep die zich wijdt aan het risico van hun eigen gezondheid, winkeliers die met hart en ziel werken in moeilijke omstandigheden, vrijwilligers die meerdere diensten verlenen, ... Ook op een nederiger vlak, maar net zo sterk en belangrijk, kunnen we goedkeuring en respect vinden voor de afscherming, het dragen van maskers om anderen te beschermen, of gewoonweg door vreugde om ons heen te brengen.

En vrijheid. Liefde is een impuls van het hart, een gratis gebaar zonder wederverwachting. Als we niet van elkaar houden, zijn onze binnendeuren gesloten. Door van onszelf te houden kunnen we ons bevrijden van al onze angsten en wonden en ons openstellen. Zich openstellen om van de ander te durven houden, de enige weg naar meer menselijkheid: een geweldige uitdaging!

Blandine Vanderlinden
Dominique Van Duyse
Liège

Le chemin de l’amour : le plus grand défi de notre humanité 

 

U werd geroepen tot vrijheid

Wat mij betreft, broeders en zusters, als ik de besnijdenis nog verkondig, waarom word ik dan nog vervolgd? Dan is het immers afgelopen met de ergernis van het kruis. Zij moesten zich meteen maar laten ontmannen, die opruiers! Broeders en zusters, u werd geroepen tot vrijheid. Alleen, misbruik de vrijheid niet als een voorwendsel voor een zondig leven, maar dien elkaar door de liefde..
Ga 5, 11-14


Mary Lucy

29-50

In deze moeilijke coronatijd worden allerlei beperkingen opgelegd aan onze dagdagelijkse activiteiten. We aanvaarden deze maatregelen om hun belang voor het algemeen welzijn… maar betekent dit eigenlijk dat we minder vrij zijn geworden?

Vrijheid is een van de meest gekoesterde menselijke rechten. Ook als christenen waarderen we vrijheid, als een grondtrek van ons mens-zijn, gegeven door God. Door het doopsel ontvangen wij een nieuwe innerlijke vrijheid. Sint Paulus herinnert ons hieraan: ‘U werd geroepen tot vrijheid’ (Gal 5,13).

Maar wat is die vrijheid eigenlijk? Om tot een goed begrip te komen, moeten we de ogen opslaan naar het kruis. Bekeken met de ogen van de wereld is de Gekruisigde geen beeld van kracht en overwinning, maar van zwakheid en nederlaag. Dit is de ‘ergernis van het kruis’. Ondanks zijn almachtige kracht heeft Jezus gekozen voor zwakheid: ‘Niemand neemt Mij het leven af, Ik geef het uit eigen vrije wil’ (Joh 10,18). Zo wordt het kruis het teken bij uitstek van vrijheid. Uit liefde voor ons en ter vervulling van de wil van de Vader nam Jezus zijn kruis op en gaf Hij zijn leven. Jezus geeft ons het voorbeeld van vrijheid door zelfgave, niet vrijheid door zelfzucht.

Als christenen hebben we reeds deel aan het eeuwig leven door de goddelijke kracht die in ons hart leeft. Door deze genade kunnen wij daden van liefde verrichten. De liefde roept ons op om verder te gaan dan beleefdheidsvoorschriften. Aandachtig voor de inspiratie van de Heilige Geest leren we hoe onze medemens te dienen naar het voorbeeld van Jezus. De echte innerlijke vrijheid groeit pas in ons wanneer we vol liefde ons eigen kruis omarmen en Jezus navolgen.

Zr. Mary Lucy Sundry
Sittard (NL)

Vous avez été appelés à la liberté